Categorie archief: persoonlijk

Het Radio Avondblad ontmoet…

Logo Radio AvondbladEen maand geleden kreeg ik een uitnodiging van Jeroen en Bob van de lokale omroep SRC FM om een uur lang gast te zijn in Het Radio Avondblad ontmoet… voor een gesprek rond muziek die ikzelf kon uitkiezen.

Sinds de start  in 2014 waren Huub van Oorschot, Ebbo de Jong, Joost Reus, Henriett Somlai, Chiel Smits, Marc Mommer en Linda de Koster, Annerieke van der Vegt, Yvonne Jakobs, Roeland Geertzen, Marinka Mulder en Hans Jobse te gast in deze rubriek. “Allemaal mensen die op hun eigen manier iets bijzonders toevoegen in Culemborg op het gebied van sport, cultuur of maatschappelijke ondersteuning” zoals in de uitnodiging stond. Jeroen en Bob vonden dat ook ik in dit rijtje thuis hoorde. Een eer, waar je natuurlijk geen ‘nee’ tegen zegt.

Het graafwerk van Jeroen en Bob had diverse mensen opgeleverd die mij na aan het hart staan en in het programma iets over mij vertelden. Behalve dat het bij een paar persoonlijke vragen even slikken was, heb ik het ervaren als een warme douche rond enkele favoriete muzieknummers.

De muziek: Mens durf te leven (Wende); La chanson des vieux amants (Jacques Brel); Die taal van my hart (Stef Bos en Amanda Strydom); Ala vetää vaan (Kyosti Mäkimattila); Moederschoot (Freek de Jonge); Condolence (Benjamin Clementine); De ikken van negen jaar (Harry Jekkers) en Le onde (Einaudi).

Graag had ik op dit weblog een linkje naar de uitzending gezet. Alleen, het bestand is tien keer groter dan ik op mijn WordPress website kan uploaden. Daarnaast is de muziek niet rechtenvrij en kan dus niet zomaar online gezet worden. SRC FM heeft ook geen ‘uitzending gemist’.

160228 10923746_344955679041488_1799365829906836875_n

 

Afscheid

Het is ‘the day after’ als ik deze, mijn laatste, column schrijf. Als het einde van je raadslidmaatschap op de agenda staat, dan komen er toespraken, (soms verlegen makende) complimenten, bloemen en cadeautjes. En een Groen Lintje voor elf jaar ‘sociaal en met een groen hart’ werken voor Culemborg. In mijn eigen agenda nu veel lege pagina’s, hier en daar alweer gevuld met afspraken met vrienden. Heerlijk om daar meer tijd voor te hebben in het nieuwe jaar.

Gezonde doorstroming en vernieuwing in een fractie vind ik belangrijk. Goede en energieke opvolgers staan te trappelen: Rudi, de nieuwe fractievoorzitter, met zijn ontwapenende humor, is net zo gedreven als ik. Tim ‘young and kicking’ en al enkele jaren steunfractielid neemt de open gevallen plek in. Het moment van afscheid nemen is ook goed: we zijn partner binnen een coalitie waarin we de discussie bepaald niet uit de weg gaan, maar waarin stabiliteit en vertrouwen de boventoon voeren.

Actief zijn in de lokale politiek heeft mij veel gebracht: horizonverbreding en persoonlijke ontwikkeling. Al die verschillende Culemborgers die ik heb leren kennen met hun belangen, hun geschiedenissen en hun betrokkenheid hebben mij rijker gemaakt.

Het was wel keihard werken. Niet alles lukte; niet alles was even verstandig, maar ik heb ook dingen ‘binnengehaald’ die gewoon goed zijn voor stad en inwoners. Ik heb het wel eens jammer gevonden dat tijdens verkiezingscampagnes zo weinig werd gevraagd naar resultaten uit de jaren daarvoor. In het verleden behaalde resultaten zijn geen garantie voor de toekomst, maar het zegt natuurlijk wel íets.

Tegelijkertijd past mij bescheidenheid, want wat voor successen we als GroenLinks-fractie ook hebben behaald, met onze twee zetels in de gemeenteraad hebben we altijd collega-raadsleden nodig om een meerderheid te krijgen voor een voorstel.

Raadslid zijn is een verantwoordelijke en fantastische ‘hobby’. Voor wie zich wil oriënteren op wat het werk als gemeenteraadslid inhoudt ben ik altijd beschikbaar.

Column in de rubriek ‘Raadspraat’ voor de Culemborgse Courant van 15 december

 

 

Afscheid van de gemeenteraad

Vorige week donderdag was – als zich geen onverwachte gebeurtenissen voordoen – mijn laatste raadsvergadering. In de kerstvakantie moet ik nog wat lopende zaken afhandelen. Per 1 januari is het echt over en uit.
Hier mijn speech ten overstaan van de gemeenteraad van 10 december:

Er zijn van die periodes geweest dat ik dacht ‘Als ik uit de raad ga en ik houd een afscheidsspeech, dan kan die maar over één ding, eigenlijk over één persoon, gaan: Yme’.
Yme is al bijna 40 jaar mijn lief. De afgelopen elf jaar heeft het raadswerk altijd op plek één gestaan. De laatste – pakweg zes jaar – zeker. En Yme kwam dan op plek ‘tig’.
Voor mijn gevoel, maar ik denk ook objectief, is het raadswerk in hoeveelheid, in mogelijkheden en in verantwoordelijkheid steeds meer geworden. Dat heeft er natuurlijk ook alles mee te maken dat ik uit al die interessante en belangrijke zaken die in de fractie-taakverdeling bij mij liggen eigenlijk niet kan kiezen. Ik wil graag overal zijn: bij raadsbijeenkomsten én alles willen weten én op social media van me laten horen én blogs schrijven én me goed inlezen én graven in dossiers én mensen ontmoeten, bij ze langs gaan, op werkbezoek, stages lopen.
Eigenlijk heb dat eigenlijk alleen maar kunnen doen dankzij Yme. Bovenop al die drukte houdt hij mij scherp, is niet tevreden met gemakkelijke argumenten of antwoorden, komt met ideeën en bestookt me met ‘interessante artikelen’, zorgt ervoor dat ik blíjf nadenken; een kunstenaar zou hem zijn muze noemen.
Maar ook praktisch: waar ik me wel eens schuldig voelde heeft hij nooit gemopperd als ik mijn aandeel in de schoonmaak van het huis weer eens liet liggen; Yme bedenkt wat we die week gaan eten, doet altijd de boodschappen (terwijl ik bij Pieter Aafjes bij de repetitie zit); hij kookte steeds meer door de week en de kliekjes vroren we dan in zodat ik een voorraadje had als hij op reis was. Best wel regelmatig haalde hij een frietje of was avocado met een cracker voldoende.
En dan altijd op mij wachten totdat ik ’s avonds heel laat thuis kom; nog even samen een wijntje drinken om vervolgens met de mededeling “Eventjes nog iets doen; ik kom zo” achter de computer te duiken om veel te laat naar bed te gaan waar hij dan al in lag.
En telkens weer zo’n klein cadeautje als hij tussen zes en zeven uur ’s avonds van zijn werk thuiskomt, dat hij dan alvast mijn fiets buiten zet, zodat ik die – voordat ik er weer een avond vandoor ga – niet zelf uit de schuur hoef te halen.

Ik zei, dat mijn afscheidsspeech alleen maar over Yme zou kúnnen gaan, maar dat ga ik niet doen. En wie weet in wat voor relatiecrisis we terecht komen als ik opeens veel meer tijd heb 😉 Ik vermoed dat mijn leven er in elk geval wel gezonder gaat uitzien: minder zitten, meer in beweging, goede maaltijden koken en de relatie met mijn vrienden verstevigen.

Was het dat waard? Ja, dat was het. Ik heb het gedaan op de manier die bij mij past en ik heb er veel voldoening uitgehaald. Politiek is een prachtig en spannend speelveld. Vanzelfsprekend heb ik de Culemborgse politiek niet alleen opgevat als een persoonlijk genoegen. Ik heb zeker wel geprobeerd een zo goed mogelijk volksvertegenwoordiger te zijn in de geest van GroenLinks ‘sociaal met een groen hart’. Het wikken en wegen van ieders belang om in het algemeen belang besluiten te nemen heb ik beleefd als een verantwoordelijke taak, en ik vond die processen ook heel boeiend. Ik heb het altijd als een uitdaging gezien om de verdeling die ik mijzelf oplegde (1/3 van de tijd lezen en voorbereiden 1/3 vergaderen 1/3 contacten in de stad) in balans te houden.
En ik werd ook niet overal blij van, vooral niet als dingen mislukken. Of in het begin toen ik erg onzeker was. Dat beïnvloedde ook mijn relatie met andere raadsleden; er was veel dat ik moest leren, veel dat ik niet wist; ik stond niet boven de materie en verloor me daardoor in details. Of als er dagen, weken, maanden werk in bepaalde zaken is gaan zitten, zonder dat het resultaat dat je graag wilde werd bereikt.

Een keer eerder, in 2012 heb ik serieus overwogen om te stoppen, toen vanaf april 2012 geen verslagen van raadsvergaderingen meer werden gemaakt. Dat was onwerkbaar. Voor elk dingetje waar mijn geheugen tekort schoot moest ik dat audioverslag gaan terugluisteren. Niet te doen. Enorm tijdrovend en stressvol. Hoe kwam het dat jullie daar geen last van hadden? Hoe deden jullie dat? Gelukkig werd daar iets op verzonnen. En ik bleef.

Wat me bij verkiezingscampagnes wel eens frustreerde was dat er zo weinig gevraagd werd naar wat ik, mijn fractie of andere fracties de afgelopen vier jaar had gedaan. Keihard gewerkt; echt dingen ‘binnengehaald’, maar die bleken zo vergeten. Iedereen, staart zich blind op verkiezingsprogramma’s en praat alleen over plannen in de toekomst. Je hebt veel meer kans om je in een volgende periode door de ‘juiste’ mensen te laten vertegenwoordigen als je die politici dwingt te laten zien wat ze in die vier jaar daadwerkelijk hebben gepresteerd.

Laat ik dit moment aangrijpen voor een ontboezeming. Wat ik erg mis is goede lokale en regionale, echte journalistiek. OK, we hebben De Gelderlander en die doet zeker haar best, maar het is gewoon te weinig. Democratie functioneert een stuk beter met goede integere journalisten die hun vak verstaan; die belangrijke zaken – politiek en niet-politiek – analyseren, onder een vergrootglas leggen, in een context plaatsen en duiden. En vertel me nou niet dat er nog steeds raadsleden zijn zonder een abonnement…..

Elf jaar is niet een periode van ‘even ruiken aan de politiek en dan weer weg’. Ik ben persoonlijk van mening dat als teveel raadsleden te kort in de raad zitten dat dat niet in het belang van een gemeente is. Van de andere kant moet je er ook voor zorgen dat je niet vastgeroest raakt en je bij wijze van spreken onderdeel wordt van het meubilair. Op tijd vernieuwen en zorgen voor continuïteit zie ik óók als een verantwoordelijkheid.

Na zo’n lange tijd weggaan kan: goede opvolging staat in de startblokken. Tim staat derde op de kandidatenlijst en is al enkele jaren steunfractielid. Ik vind het jammer dat hij na maart 2014 niet voor het echie kon gaan. Talent moet je niet te lang in de coulissen laten staan. Dit is ook het goede moment: de fractie is stabiel, de coalitie functioneert. Met wat ik van ons eigen verkiezingsprogamma ‘Sociaal met een groen hart’ terugvindt in het coalitieakkoord ben ik tevreden; de afspraken zijn duidelijk en de onderlinge verhoudingen goed.

Ik zal de raad en deze bijzondere plek in de Culemborgse samenleving missen, maar ik kijk ook met plezier naar die blanco pagina’s in mijn agenda waar ik hier en daar al wat afspraken heb gezet die ik nu gemakkelijker dan voorheen kan maken. Het raadslidmaatschap heeft mij veel gebracht in verbreding van mijn horizon en persoonlijke groei. Ik kan het dan ook iedereen aanbevelen.

Mag ik de voorzitter van de raad bedanken en via hem de ambtenaren van de gemeente bij wie ik altijd terecht kon met mijn vragen, die bereid waren mee te denken en zich te verdiepen in mijn ‘vraag achter de vraag’. Die dank en datzelfde gevoel geldt voor de medewerkers van de griffie. Speciaal wil ik de medewerkers bedanken die er elke keer weer voor zorgen dat alles in dit gebouw geregeld is, de ruimtes gebruikt kunnen worden, de techniek werkt, de koffie klaar staat, ruimtes gebruikt kunnen worden.

Mag ik tenslotte jullie, raadsleden, bedanken voor jullie collegialiteit: alles wat ik of mijn fractie heb bereikt of zo onbescheiden ben op ons conto te schrijven is met onze twee zetels immers slechts tot  stand gekomen samen met andere fracties om de benodigde meerderheid bij elkaar te krijgen …..

Vertrek uit de gemeenteraad

RaadszaalNa 11 jaar raadslidmaatschap en nog langer politiek actief vertrek ik per 1 januari uit de gemeenteraad van Culemborg. Al enige tijd wist ik dat ik niet meer zou meedoen met de gemeenteraadsverkiezingen in 2018, maar het is dan nog best lastig om een goed moment te kiezen om het stokje over te dragen.

Dat ik nu stop is zeker niet omdat ik er genoeg van heb: het raadslidmaatschap geeft mij nog steeds veel energie. Ik ben erg tevreden over waar GroenLinks in Culemborg op dit moment staat. GroenLinks is in full swing en we maken met wethouder Joost Reus deel uit van het college. Veel punten uit ons verkiezingsprogramma ‘Sociaal met een groen hart’ zijn in het coalitieakkoord en in de uitvoering daarvan terug te vinden.

Tegelijkertijd vind ik vernieuwing en continuïteit onmisbare ingrediënten voor een toekomstbestendige partij en fractie. Halverwege de raadsperiode plaatsmaken betekent dat mijn opvolgers nog genoeg tijd hebben om in Culemborg en aan de leden te laten zien wat ze kunnen.

Mijn besluit heeft ook te maken met de manier waarop ik al die jaren invulling heb gegeven aan het raadslidmaatschap. Ik voel nu de behoefte om mijn sociale en privé-leven beter in balans te brengen.

Mijn fantastische en humorvolle fractiegenoot, Rudi Oortwijn, die al zes jaar raadslid is, heeft er veel zin in om fractievoorzitter te worden. De vrijgekomen plek gaat ingenomen worden door ons jonge politieke talent en waardevolle steunfractielid, Tim de Kroon

Ik weet zeker dat ik deze bijzondere plek in de Culemborgse samenleving zal missen. Niet alleen heb ik hard gewerkt, maar het raadslidmaatschap heeft mij ook veel gebracht in verbreding van mijn horizon en in persoonlijke groei. Ik kan het dan ook iedereen aanbevelen.

Tien december zal voor mij de laatste raadsvergadering zijn. Tot die tijd ga ik nog even ‘gewoon’ door.

Tent met wifi

TentjeDeze vakantie constateerden wij een paar keer dat veel mede-aarbolbewoners zouden dromen van ons kleine tentje in de Engelse regen waarin we genoodzaakt waren om midden in de nacht ons luchtbed opnieuw op te pompen. Volksverhuizingen waren er altijd al en zijn van alle tijden, maar de berichten over de vastberaden zoektocht naar een beter leven van vluchtelingen en arbeidsmigranten dringen zich meer dan voorheen aan me op. Een luxere of een eenvoudige vakantie? Het feit alleen al dat je keus hebt maakt groot verschil. Kunnen kiezen, mogen kiezen, keuzevrijheid op welk gebied dan ook is op zichzelf al een teken van grotere welvaart.

Kamperen dus met partner in Somerset. Twee weekjes. Een weekendje met dochter plus gezin en kleinzoon van drie een paar nachtjes alleen te logeren. Genieten. Grinniken ook om andere kampeerders: een jong stelletje dat met babybillendoekjes de haringen van de tent schoonmaakt. Of om die man die werkhandschoenen aantrekt om zijn tent op te zetten.
Verwondering over het vaak sjofele winkel-straatbeeld dat in kleine Engelse stadjes domineert: tweedehands-liefdadigheidswinkels ten behoeve van kinderen met kanker, YMCA, kattenopvang, hospice, kankeronderzoek, hartziekten, Oxfam en goedkope van-alles-en-nog-wat winkels waar veel onnodige troep van slechte kwaliteit wordt verkocht.
Heerlijk wandelen in Exmoor National Park. Genieten van uitzichten op de prachtige kustlijn en op kasteeltjes met kantelen die onwillekeurig ridderverhalen oproepen. De vele vrijwilligers die als suppoost of gids actief zijn – net als in Nederland. Engelse hoffelijkheid: een uitgebloeide kaardebol op de zitting van een antieke stoel; dan ga je er vanzelf niet op zitten en is een onvriendelijk verbodsbordje niet nodig. Overal prima openbare toiletvoorzieningen, maar ook overal pittige parkeertarieven: “pay and display”.

Tijdens deze vakantie ontbrak het me maar aan twee dingen: wifi en goede oplaadmogelijkheden voor telefoon en tablet. Een volgende keer moet dus een oplader mee. Voor de wifi hebben Fokke en Sukke een oplossing 😉

Met weinig geld gezond eten?

Schijf van vijfNa afloop van de ‘Week te leven op voedselbankniveau’ bleef bij mij de vraag hangen of ik ongezonder had gegeten dan in mijn ‘gewone’ leven. Het is immers algemeen bekend dat mensen met een laag inkomen korter leven en minder gezond zijn. Psychische gezondheid, alcohol, bewegen, voeding en roken zijn dan belangrijk factoren.

Hoe zit het met mijn ‘leefstijl’?
Bewegen doe ik inderdaad wat te weinig; teveel zitten heb ik enigszins proberen te compenseren door de aanschaf van een sta-bureau. Het bijna dagelijkse wijntje ’s avonds op de bank liet ik tijdens de ‘Week leven op voedselbankniveau’ – overigens moeiteloos – staan. Een frietje op zijn tijd moet kunnen. Van een snoep- of dure rookverslaving heb ik gelukkig geen last. Water vind ik lekkerder dan frisdrank, maar een biertje gaat er ook wel in. Vlees komt sporadisch op tafel (dat drukt de kosten trouwens ook). Wel dagelijks volkoren graanproducten en bijna elke dag groente en fruit. Voedingshypes gaan aan mij voorbij, maar ik let ad hoc een beetje op wat er aan ingrediënten in voedingsproducten zit. Fair Trade geproduceerd is, als dat een van de keuzemogelijkheden is, meestal doorslaggevend.

In mijn minimumweek lukte het me – met enige moeite en discipline – om elke dag fruit en groente te eten. ‘Van het seizoen’ natuurlijk en zeker niet overvloedig. Op het etiket van het één-euro-brood in de schappen stond ‘volkoren’, maar vond ik niet lekker. Verder blijken in het algemeen volkoren producten duurder te zijn dan niet-volkoren. Daardoor maakte ik ongezondere keuzes.

Het venijn zit ‘m in heel veel kleine dingen, heb ik ontdekt. Twee voorbeelden: de goedkoopste variant (€ 0,69) margarine light om op je brood te smeren lijkt op het eerste gezicht nauwelijks af te wijken van het duurdere bakje (€ 1,72). Toch zal het niet per ongeluk zijn dat de verhouding enkelvoudig / meervoudig onverzadigde vetten op het Oké-kuipje niet gespecificeerd was en op het Plus-kuipje wel. Ander voorbeeld: in de duurdere pot appelstroop (€ 1,66) zit meer dan twee tot drie keer zoveel ijzer als in de goedkopere potten (per 100 gram): 6,8 mg (€ 1,15) – 9,7 mg (€ 0,75) – 25 mg (€ 1,66).

Inderdaad moet ik tot de conclusie komen dat het met een laag budget lastiger is om gezond te eten. Je hebt minder keus en je moet voortdurend opletten, rekenen en vooral gedisciplineerd zijn. Gemakkelijk is het niet.

Verenigingsleven

Pieter AafjesElke zaterdagochtend heb ik repetitie bij het Middenorkest van Pieter Aafjes. Een gezellige, actieve en ambitieuze vereniging, waar alle leeftijden en alle niveaus welkom zijn: van beginners tot virtuoze spelers; van jonge kinderen tot volwassenen die besluiten ‘aan muziek te gaan doen’.

Focus 07Het warme weer bood mij  deze week in de pauze van de repetitie een welkome smoes om een gratis glaasje water te bestellen in plaats van koffie, die €1,- kost. Een week eerder hadden we bij de vereniging een barbecue. “Voor iedereen” stond op het bord in het repetitielokaal, maar die barbecue kostte wel €12,50. Had die activiteit in de ‘Week leven op voedselbankniveau’ plaatsgevonden, dan had ik hem moeten afzeggen.

ZouCMHC ik met een minimum inkomen lid kunnen zijn van een vereniging? Wat kost een lidmaatschap (zonder verdere toeters en bellen) voor iemand van mijn leeftijd (59)?

Op ZV De Meerinternet zoek ik van een paar verenigingen de contributies per jaar op: Pieter Aafjes €230,-; Focus07 €148,-; CMHC €292,-; ZV De Meer €409,50. Nergens staat iets over mogelijkheden voor mensen met een minimuminkomen. In de praktijk weet ik best wel dat, als zich een individueel geval voordoet in een vereniging, er zeker te praten valt over vermindering van de contributie. Voor kinderen is er trouwens het Jeugd Cultuur Fonds en het Jeugd Sport Fonds. Voor volwassenen is er niets.

Het voelt niet fijn als je – na al die officiële instanties waar je sowieso je hele hebben en houden op tafel moet leggen – ook nog eens met de voorzitter van je vereniging moet gaan praten dat je het lidmaatschapsgeld niet kan opbrengen. En dan heb ik het niet eens over die activiteiten die het verenigingsgevoel versterken, zoals een uitje of een barbecue die geld kosten. Voor je kinderen doe je dat misschien nog, maar voor jezelf…?

Een week op ‘voedselbankniveau’

150702 VoedselpakketDe Voedselgroep Culemborg heeft politici uitgedaagd om zelf eens een week lang op minimumniveau te leven. Niet op bijstandsniveau, maar op ‘voedselbankniveau’. Zelf zou ik niet op het idee zijn gekomen, want dat dat moeilijk is weet ik zo ook wel. En, om eerlijk te zijn, het voelt bijna als ‘niet respectvol’ om aan dit spelletje mee te doen. Immers, pas als je langere tijd van een minimuminkomen moet rondkomen of als je geen uitzicht hebt dat er ooit een einde aan komt, dan ga je pas echt voelen wat het is.

Een uitdaging ga ik echter niet uit de weg. Sinds gisteren heb ik een budget van €25,- te besteden aan eten en ‘fun’. Aan andere zaken in mijn leven kan ik voor deze uitdaging ad hoc niet veel veranderen: het duurt even voordat al mijn kleren versleten zijn; de schilder die op de ladder voor mijn huis staat had ik een paar maanden geleden al besteld en de kans dat mijn wasmachine het net deze week begeeft is redelijk klein. Met een baan plus raadswerk en verplichtingen ben ik zo’n zestig uur per week van de straat en mijn auto heb ik nodig voor mijn werk.

Wat is dan de zin van dit weekje?

Voor de Voedelgroep is het belangrijk dat raadsleden in gesprek gaan met mensen die jarenlang van zo weinig moeten rondkomen. Wat mij betreft was daar deze actie niet voor nodig en een uitnodiging voldoende geweest. Maar bij het ophalen van ons voedselpakket afgelopen dinsdag was dat gesprek er in elk geval wel. Met enkele onderwerpen die ter sprake kwamen ga ik verder.

Voor mijzelf is de zin van deze actie niet om aan te tonen dat het best wel lukt om van €25,- rond te komen, maar om te kijken waar ik tegenaan loop: wat is in mijn dagelijks leven ‘gewoon’, maar komt op losse schroeven te staan als ik vrijwel geen geld heb. Ik denk dat de impact niet alleen financieel is, maar vooral sociaal veel betekent.

Om je daarvan bewuster te worden is een week niet te kort, denk ik. Ik merk bijvoorbeeld dat ‘weinig geld hebben’ de hele dag en bij alles wat ik doe bijna vanzelf meereist: bij de koppen koffie op een afspraak buitenshuis, schiet ongewild door me heen ‘mooi meegenomen’ en bij de glazen sap die ik de schilder aanbied reken ik in gedachten uit hoeveel me dat kost.

In een paar blogs zal ik de komende dagen vertellen over mijn ‘week leven op voedselbankniveau’.