Minderheden
Het is al jaren een doorn in mijn oog: de term ‘minderhedenorganisaties’ in de diverse financiële stukken van de gemeente. Het staat er nota bene als ‘beleidsproduct’ onder het programma ‘maatschappelijke dienstverlening’. Alsof ‘minderhedenorganisaties’ een product van een gemeente kunnen zijn. Stel dat ik in Culemborg de Limburgse Vereniging opricht; wordt die club dan ook een ‘gemeentelijk beleidsproduct’?
‘Minderhedenorganisaties’ is bovendien een achterhaalde en ietwat beschamende term geworden. Na mijn opmerkingen daarover tijdens een raadsvergadering heeft het college fluks een en ander aangepast en ‘minderhedenorganisaties’ vervangen door ‘diversiteitsbeleid’. Prima service. Hopelijk gaat de nieuwe naam ook doorklinken in het beleid.
Met dat begrip ‘minderheden’ is van alles aan de hand. Vaak wordt er een etnische groep mee bedoelt of mensen die tot een ‘culturele minderheid’ behoren. Als een kind tot die specifiek omschreven groep behoorde werd het een ‘cumi-leerling’ en kreeg de school extra geld ook al stonden de ouders hoog op de maatschappelijke ladder. Een rare regeling was dat, waarbij achterstanden bij autochtone leerlingen (ook een minderheid) niet meer leken te bestaan, want daar kregen de scholen niet apart geld voor. Inmiddels is dat gelukkig verbeterd en telt het opleidingsniveau van de ouders (en postcodegebied trouwens) mee bij hoeveel geld een school krijgt.
Niet het getal moet een reden moet zijn om apart beleid te voeren of maatregelen te nemen. Het gaat erom of mensen (al dan niet deel uitmakend van een groep) zich minder dan anderen in staat voelen iets in onze samenleving te bereiken. Daar moeten we dan aan werken. Een begrip als ‘diversiteitsbeleid’ laat dan beter zien waar het over zou moeten gaan.


Recente reacties